cinque-terre-hotel-balcony

De zwaluw

De reis over de oceanen is vol gevaren, je bent je leven niet zeker. Als bescherming tatoeëert de zeeman na 5.000 zeemijlen een zwaluw en na 10.000 mijlen nog een. Op beide borsten een zwaluw.

De zwaluw staat voor vrijheid: de vrijheid om verre reizen op de levensgevaarlijke zee te maken. Het overwinnen van woelige zeeën.

De zwaluw staat voor liefde en trouw, omdat de vogel  na zijn verre reizen altijd thuiskomt, waar zijn geliefde op hem wacht.

De zwaluw is gezelschap voor het leven, hij is trouw tot de dood; het verhaal gaat dat de zwaluw als de zeeman is overleden, in actie komt en zijn ziel naar de hemel draagt.

 

Het logo van de Soul Care Foundation is deze zwaluw, die staat voor vrijheid, liefde, trouw, veiligheid, thuiskomen bij jezelf, bij je geliefde, bij God.

Soul Care Foundation gelooft in leven vanuit je eigen bron en helpt je hierbij door kennis en inzichten te delen.

Neem contact met ons op voor

. individuele coaching

. inspiratie

. heroriëntatie

. heling

. authenticiteit

. groei van verbindingen

Op zoek naar mijn identiteit

Inleiding bij de presentatie van mijn boek: ‘De moeilijkste mens om mee om te gaan ben ik zelf’, de roman ‘Fiane’ geschreven door Herma van der Weide en de lancering van Uitgeverij Soul Care op het SHMC Festival, vrijdag 10 oktober 2014 in de Grote of Onze-Lieve-Vrouwe -Kerk te Dordrecht.

IMG_4691

Wie ben ik nu eigenlijk?

Waarom zou ik op zoek gaan naar mijn identiteit? En waarom zou ik mezelf de vraag stellen: wie ben ik nu eigenlijk?

Waarom zou ik dat doen?

Een ieder kan op deze vraag alleen maar zelf antwoord geven. Je gaat de vraag stellen doordat je zodanig tegen je zelf aanloopt dat de vraag onontkoombaar wordt. Zo is het mij vergaan.

Als partner, als vader en moeder,  als collega, als vriend. Je wordt niet alleen geconfronteerd met jezelf, eigen emoties, remmingen en manieren van reageren, maar ook met de reacties die je oproept bij anderen. Deze reacties zijn van dien aard dat je niets anders overblijft dan echt naar je zelf op zoek te gaan.

Wat gebeurt er met mij? Hoe kan ik de ander echt leren kennen als ik mezelf niet leer kennen? En hoe kan ik mezelf ontmoeten, als ik niet doorkrijg hoezeer ik in mijn ego in zelfhandhaving gevangen kan raken. Overgave voelt voor mijn ego dan aan als verlies. Maar wat verlies ik eigenlijk? Ontstaat er geen ruimte voor mijn zelf om te gaan leven? Daar kan een op zichzelf aangewezen ego zich weer niets bij voorstellen en dat maakt het zo lastig. De moeilijkste mens om mee om te gaan ben ik zelf. Hoe zit dat tussen ‘ik’ en mijn ego?

Toch zijn er van die momenten, onverwachts, dat een diep besef door je eigen defensieschild heen breekt. Een waarheid in mijn binnenste die mij grondig uit balans kan brengen. Een stem die in mij woont: een stem die mij ziet zoals ik ben, dieper dan ik mijzelf ooit ken. Een uitnodiging.  Wat doe ik er mee? Luisteren naar deze stem is een keuze. Deze keuze maken activeert ook angst. Ik kan de stem verdringen. Als een donkere tegenkracht komt het op. Wat zegt de angst? Je verliest je zelf, je vrijheid, je ruimte, je levert je zelf uit, je raakt uitgesloten van dat waar je diep naar verlangt.

Hoe ga je deze innerlijke stem herkennen? De stem is soms heel lastig te onderscheiden. Het kan zijn dat je je helemaal niet bewust bent wanneer, hoe en waar deze stem een rol in je leven speelde. Wat je daar mee deed en welke impact dat op je had.

‘Ik heb helemaal geen innerlijke stem’, hoor ik ook regelmatig.

Het had de reactie kunnen zijn van de vrouw uit het volgende waar gebeurde verhaal. Ze nam een coach in de arm omdat ze tegen zichzelf aanliep. In de gesprekken met haar coach begon ze zich langzaam het bestaan van die stem in haar te herinneren. Dit verhaal is natuurlijk een voorbeeld, ieder heeft haar en zijn eigen verhaal. De stem manifesteert zich op vele verschillende manieren. Je weet alleen maar zelf wat die stem voor jou is.

De angst om haar doel te missen, om uitgesloten te worden van de liefde, droeg ze sinds haar jeugd met zich mee. Daarbij was een zekere somberheid haar grondstemming geworden. Dingen die ze aanging en waarvoor ze zich inzette, – of het nu in de relationele sfeer of de werksfeer was -, braken toch weer af. Het gebeurde soms terloops door een onhandigheid, een opmerking, soms actief door heftige confrontaties. Ze kreeg het gevoel dat alles wat ze aanpakte gedoemd was te mislukken.

Ze droomde veel. Eén droom keerde telkens terug.

“Ik ga naar de vliering van mijn ouderlijk huis. Ik heb iets verloren en moet naar de zolderkamer gaan om het verlorene te zoeken. De ruimte ziet er nog precies zo uit als toen ik jong was. Er staat een kist. Als ik de kist open is deze leeg. En dan ben ik de weg kwijt. Ik weet niet ook niet meer wat ik ben kwijtgeraakt”.

Wat was het dat ze het niet meer vinden kon? In de gesprekken met haar coach ging ze op zoek. Terug naar de vliering van haar jeugd. Ze vertelde: “Als meisje voelde ik mij vaak alleen en eenzaam. Wie zag mij? Ik kon er ontevreden van worden. Op een goede dag uitte ik dit aan mijn moeder”. Op zich is het heel normaal en natuurlijk dat je als kind in het zoeken van je eigen weg de confrontatie aangaat met je moeder of vader, je van hen wil losmaken. Zij reageerde in dit geval op gedrag haar moeder dat haar beklemde, irriteerde of pijn deed.

“Mijn moeder bleef anders dan anders rustig en zei toen: ga eens op de vliering kijken, misschien dat het helpt. Op de vliering aangekomen zag ik de kist staan. Op en in de kist lagen netjes gesorteerd allerlei nieuwe zijden poppenkleertjes. Mijn moeder had ze in de loop van de tijd speciaal voor mij verzameld. Toen hoorde ik een stille stem, maar wel zo helder dat het was alsof de stem buiten mij klonk: : nu wil je toch tegen je moeder zeggen dat je het verkeerd zag…. Het was voor mij als de stem van God. Tegelijkertijd kwam er ook iets donkers omhoog, een verzet en ik zei hardop: ‘nee, dat wil ik niet’”.

Ze wist toen ze de poppenkleertjes zag dat dit van haar moeder een uiting was van liefde. Hier hoefde ze niet tegen te strijden. Ze gaf in haar trots ook hier de andere donkere gevoelens de overhand.

Toen één en ander bezonken was, bleef ze met het gevoel achter dat ze iets onvergeeflijks had gedaan. Bewust gekozen voor een verkeerde weg in het afwijzen van deze stem, van liefde. Ze leerde ermee leven. Het liet een leegte in haar achter.

Door de gesprekken met haar coach werd haar duidelijk dat in haar onbewuste dit ‘nee’ was blijven hangen. Het was met haar meegegaan op haar levensweg. Diep van binnen leefde het verlangen om gezien en geliefd te worden, dat moest ze nu maar zelf zien te organiseren. Ze was zichzelf in haar onbewuste met dat ‘nee’ gaan straffen door af te breken wat ze opbouwde. In dit ‘nee’ was ze zichzelf kwijtgeraakt.

Toen kwamen de dromen. De dromen nodigden haar uit op zoek te gaan naar dat verloren moment.  Dat wat ze kwijt was geraakt was het contact met de stem. Door de gesprekken begon ze te beseffen dat die stem was gebleven, haar niet veroordeelde, bleef liefhebben. Zij was blijven hangen in haar ‘nee’.

Ze voelde zich uitgenodigd om zich te openen voor de stem. Weer die keuze. Weer waren daar die bekende angstgevoelens: ik raak mezelf kwijt, waar blijf ik als ik me aan de stem overgeef, hou ik mijn ruimte, komt het dan wel waarnaar ik verlang. Toch deed ze het. Wat gaf haar daartoe de kracht? De stem herkende ze als liefde. In de ego-overgave vond ze de kracht tot aanvaarding van zichzelf.  Ze liet toe dat ze door de stem gekozen was. Al die dingen waarvan ze vreesde te worden uitgesloten, kwamen in haar vrij: als blijdschap, kracht om lief te hebben, opening naar anderen toe zonder vrees zichzelf daarmee te verliezen, levensenergie. Dat bracht het haar.

Er is een lied uit mijn traditie dat op een eigen dichterlijke manier dit innerlijke proces prachtig verwoordt:

‘Hart onrustig vol van zorgen, vleugellam geslagen ziel, hoop op God (je valt niet in de leegte) wees geborgen (het is er onmiddellijk), hij verheft wie nederviel’ (alles kan gaan stromen!)

Het antwoord vinden op de vraag “Wie ben ik” en “Wie ben jij” – beide vragen hangen samen – heeft met het vinden van de innerlijke stem te maken en mijn reactie daarop.

Als beide boeken voor de lezers hier iets aan mogen bijdragen dan is mijn doel bereikt.

Jan Willem Kirpestein

 

IMG_4695

Herma van der Weide, bij de lancering van haar roman Fiane, met het gezelschap Camerata Trajectina

Beide boeken zijn bij Soul Care Foundation te bestellen.

 

Chagall Adam and Eve

Verbinden

Het verborgen contract in de partnerrelatie

Onlangs had ik een gesprek met mijn oudste dochter.  Het was fijn om elkaar weer te zien.  Volgend jaar gaat ze trouwen.  We spraken er over door. Op een gegeven moment  sprak ze de woorden: “Om een goede relatie te kunnen krijgen, moet je echt eerst jezelf leren kennen, dan pas kun je ook de ander, je partner, leren kennen en weet je of je echt elkaar helemaal kunt aanvaarden met je lichte en donkere kanten”. De dingen die ik voor de partnerrelatie moet leren  en in de partnerrelatie tegenkom in zijn meest intieme vorm en intensiteit, dienen zich ook aan in andere samenwerkingsvormen. De partnerrelatie brengt mij in aanraking bij de sleutelvraag bij uitstek: “Wie ben jij, wie ben ik nu eigenlijk?”

Als twee mensen in een liefdesrelatie zich aan elkaar verbinden zetten ze vier handtekeningen.  Twee handtekeningen met zichtbare inkt en twee met onzichtbare inkt. Van dit verborgen contract getekend met de onzichtbare inkt zijn zij zich in eerste instantie niet bewust. De werking en de effecten van dit verborgen contract worden echter spoedig gevoeld in de realiteit van alle dag.

Het is van groot belang om een duurzame relatie te ontwikkelen dat beiden zich bewust worden van dit onbewuste contract dat de vrouw heeft met haar innerlijke man  en de man met zijn innerlijke vrouw. En dit laatste geldt evenzo voor een samenwerkingsrelatie op de werkplek. Er zijn vier actoren in het spel in plaats van twee.

Onherroepelijk worden partners in de complexiteit van alle dag met elkaars onzichtbare handtekeningen geconfronteerd. Deze laten zich gelden, door middel van onverwachte reacties, emoties, weerstanden, verwachtingen, geprojecteerd wantrouwen, die stuk voor stuk weer iets bij de ander nalaten. De ervaringen en emoties worden opgeslagen het warenhuis van ons onbewuste. Maar weg is niet weg. Dingen van binnen wegstoppen/verstoppen, is van invloed op je gedrag naar de ander toe. Er ontstaat een afgeslotenheid in gedrag.

De diep in dat warenhuis weggedrongen ervaringen zijn geladen met energie. Zij stelen de aandacht op een eigen manier. Via fantasieën, dagdromen, verstorende stemmingen, of door middel van nieuwe emotionele uitingsvormen, als angsten, remmingen, onverdraagzaamheid, aannames, afkeer. En in de weerbarstige realiteit van alle dag leggen partners de last van hun verdrongen emotie en pijn op een ander en vervreemden van elkaar.

Zijn beiden bereid een nieuw verbond te accepteren, gebaseerd op het recht van een ieder om een individueel zelf te zijn? Het vraagt bereidheid de deur van innerlijke afgeslotenheid  onder ogen te zien en de pijnlijke en bevrijdende reis van zelfonderzoek aan te gaan. Deze reis is nodig om oorzaken van de afgeslotenheid te kunnen ontdekken en los te kunnen maken, die zich zo lang in het onbewuste hebben kunnen ophopen.

Afhankelijk van ieders bereidheid om deze weg te gaan kan een relatie een nieuwe dimensie, diepte en vreugde krijgen. De vraag aan de ander: ‘wie ben jij nu eigenlijk’ is geen wanhoops-vraag meer, maar één van opening en liefde. De vraag kan pas echt gesteld worden, als ik de moeilijke maar heilzame vraag  blijvend stel aan mijzelf: Wie ben ik?

Als man betekent dit dat je je huiswerk van zelfonderzoek wil aangaan, op zoek naar de relatie met je innerlijke onbekende, door Jung genoemd je anima, je innerlijke vrouw. Zij leert je jezelf te openen naar de ander toe, er te zijn en niet weg te vluchten gedreven door een geestelijke vrijheidsdrang die geen vrijheid is. Een vrijheid die niet de keuze kan maken om lichamelijk te worden is geen vrijheid. Het is een vrijheid die de ander achter laat. Het is als de god Eros in de mythe, die niet in het licht wil komen, zich niet wil laten kennen en aanraken, geen gezicht wil krijgen, maar verborgen wil blijven. En als Psyche dan toch het licht laat schijnen op zijn gezicht, omdat ze hem zo graag wil leren kennen, trekt hij zich terug. In plaats van zich te openen, verdwijnt hij. De ander met de wanhopige vraag achterlatend: maar wie ben je? Ik zoek je! De ander kan jou niet ontmoeten, want je bent er niet, ook niet voor jezelf.

Wat heeft jouw innerlijke vrouw je als man te brengen? Liefhebben is haar natuur. Zij weet met haar natuur dode materie tot leven te brengen, te bezielen met geestkracht. In plaats van dat Eros zich terugtrekt, verschijnt hij en laat hij zijn gezicht zien. Het woord dat je spreekt blijft niet hangen in het intellect, maar wordt levend, wordt lichaam en vlees. Je rijkt uit naar de ander en wordt bereikbaar. Vrijheid wordt niet langer gekoesterd als vlucht naar de Olympus, naar het geestelijke, gedreven door verbindingsangst. Vrijheid is de vrijheid waarin de keuze wordt gemaakt, commitment wordt gegeven en de verbinding wordt aangegaan! Dat gebeurt als je als man de relatie aangaat met die innerlijke vrouw in jou, zij brengt al deze dingen.  En je bent bereid en wil dat ook om echt in beeld te komen voor de ander, je partner. En dit geldt natuurlijk niet alleen voor de man, maar ook voor de vrouw. Zonder twee richtingsverkeer geen vernieuwing.

Wat wil het voor een vrouw zeggen, als zij  de kwaliteiten van haar innerlijke man, haar  animus leert kennen en met hem op goede voet komt te staan?

Die innerlijke man bevestigt haar in haar eigenwaarde en logoskracht. De logos brengt licht in de innerlijke complexe wereld van gevoelens, impulsen, emoties. De logos maakt voor haar scheiding tussen licht en duisternis, wat belangrijk en betekenisvol voor haar is, maakt de banden van onmacht los en geeft kracht en wil tot doen en handelen. Met deze logos brengt zij haar bezielingskracht naar buiten en wordt de liefde die zij in zich heeft daad – werkelijk.

Wie ben je, wie ben ik? Hoe leer ik je kennen? De ander kan mij leren kennen als ik bereid ben de reis naar binnen te gaan om mijzelf te leren kennen. Zo kunnen de vier handtekeningen bij elkaar komen, de zichtbare en de onzichtbare en de liefdesrelatie uit nieuwe diepte te doen oprijzen.

Zonder aanvaarding van jezelf en van de ander met licht en donker gaat het niet lukken. Het is er altijd allebei en hoort bij ons mens zijn. Donker kan licht worden, maar dat blijft een doorgaand proces. Er is steeds weer donker en licht. Donker blijft alleen donker als de keuze voor de afgeslotenheid blijft bij beide of één van beide partners. Echte liefde wil de weg gaan naar binnen. Voor de ander zonder daarmee de ander onder druk te zetten. Door los te laten in plaats van vast te grijpen. Je kunt anders ¨überhaupt” niet ontvangen en openstaan voor wat kan komen. De weg wordt bij voorbaat geblokkeerd voor de mogelijkheid dat de relatie vanuit ieders kern nieuw geboren kan worden. Alleen zo kunnen partners te weten komen en ervaren of hun relatie zich zal vernieuwen in een nieuwe diepte dimensie of dat het beter is om uit elkaar te gaan omdat zij als personen voor een partner relatie in de kérn niet bij elkaar passen en op elkaar aansluiten. Er kunnen zich dan in de liefde nieuwe wegen openen.