Op zoek naar mijn identiteit

Inleiding bij de presentatie van mijn boek: ‘De moeilijkste mens om mee om te gaan ben ik zelf’, de roman ‘Fiane’ geschreven door Herma van der Weide en de lancering van Uitgeverij Soul Care op het SHMC Festival, vrijdag 10 oktober 2014 in de Grote of Onze-Lieve-Vrouwe -Kerk te Dordrecht.

IMG_4691

Wie ben ik nu eigenlijk?

Waarom zou ik op zoek gaan naar mijn identiteit? En waarom zou ik mezelf de vraag stellen: wie ben ik nu eigenlijk?

Waarom zou ik dat doen?

Een ieder kan op deze vraag alleen maar zelf antwoord geven. Je gaat de vraag stellen doordat je zodanig tegen je zelf aanloopt dat de vraag onontkoombaar wordt. Zo is het mij vergaan.

Als partner, als vader en moeder,  als collega, als vriend. Je wordt niet alleen geconfronteerd met jezelf, eigen emoties, remmingen en manieren van reageren, maar ook met de reacties die je oproept bij anderen. Deze reacties zijn van dien aard dat je niets anders overblijft dan echt naar je zelf op zoek te gaan.

Wat gebeurt er met mij? Hoe kan ik de ander echt leren kennen als ik mezelf niet leer kennen? En hoe kan ik mezelf ontmoeten, als ik niet doorkrijg hoezeer ik in mijn ego in zelfhandhaving gevangen kan raken. Overgave voelt voor mijn ego dan aan als verlies. Maar wat verlies ik eigenlijk? Ontstaat er geen ruimte voor mijn zelf om te gaan leven? Daar kan een op zichzelf aangewezen ego zich weer niets bij voorstellen en dat maakt het zo lastig. De moeilijkste mens om mee om te gaan ben ik zelf. Hoe zit dat tussen ‘ik’ en mijn ego?

Toch zijn er van die momenten, onverwachts, dat een diep besef door je eigen defensieschild heen breekt. Een waarheid in mijn binnenste die mij grondig uit balans kan brengen. Een stem die in mij woont: een stem die mij ziet zoals ik ben, dieper dan ik mijzelf ooit ken. Een uitnodiging.  Wat doe ik er mee? Luisteren naar deze stem is een keuze. Deze keuze maken activeert ook angst. Ik kan de stem verdringen. Als een donkere tegenkracht komt het op. Wat zegt de angst? Je verliest je zelf, je vrijheid, je ruimte, je levert je zelf uit, je raakt uitgesloten van dat waar je diep naar verlangt.

Hoe ga je deze innerlijke stem herkennen? De stem is soms heel lastig te onderscheiden. Het kan zijn dat je je helemaal niet bewust bent wanneer, hoe en waar deze stem een rol in je leven speelde. Wat je daar mee deed en welke impact dat op je had.

‘Ik heb helemaal geen innerlijke stem’, hoor ik ook regelmatig.

Het had de reactie kunnen zijn van de vrouw uit het volgende waar gebeurde verhaal. Ze nam een coach in de arm omdat ze tegen zichzelf aanliep. In de gesprekken met haar coach begon ze zich langzaam het bestaan van die stem in haar te herinneren. Dit verhaal is natuurlijk een voorbeeld, ieder heeft haar en zijn eigen verhaal. De stem manifesteert zich op vele verschillende manieren. Je weet alleen maar zelf wat die stem voor jou is.

De angst om haar doel te missen, om uitgesloten te worden van de liefde, droeg ze sinds haar jeugd met zich mee. Daarbij was een zekere somberheid haar grondstemming geworden. Dingen die ze aanging en waarvoor ze zich inzette, – of het nu in de relationele sfeer of de werksfeer was -, braken toch weer af. Het gebeurde soms terloops door een onhandigheid, een opmerking, soms actief door heftige confrontaties. Ze kreeg het gevoel dat alles wat ze aanpakte gedoemd was te mislukken.

Ze droomde veel. Eén droom keerde telkens terug.

“Ik ga naar de vliering van mijn ouderlijk huis. Ik heb iets verloren en moet naar de zolderkamer gaan om het verlorene te zoeken. De ruimte ziet er nog precies zo uit als toen ik jong was. Er staat een kist. Als ik de kist open is deze leeg. En dan ben ik de weg kwijt. Ik weet niet ook niet meer wat ik ben kwijtgeraakt”.

Wat was het dat ze het niet meer vinden kon? In de gesprekken met haar coach ging ze op zoek. Terug naar de vliering van haar jeugd. Ze vertelde: “Als meisje voelde ik mij vaak alleen en eenzaam. Wie zag mij? Ik kon er ontevreden van worden. Op een goede dag uitte ik dit aan mijn moeder”. Op zich is het heel normaal en natuurlijk dat je als kind in het zoeken van je eigen weg de confrontatie aangaat met je moeder of vader, je van hen wil losmaken. Zij reageerde in dit geval op gedrag haar moeder dat haar beklemde, irriteerde of pijn deed.

“Mijn moeder bleef anders dan anders rustig en zei toen: ga eens op de vliering kijken, misschien dat het helpt. Op de vliering aangekomen zag ik de kist staan. Op en in de kist lagen netjes gesorteerd allerlei nieuwe zijden poppenkleertjes. Mijn moeder had ze in de loop van de tijd speciaal voor mij verzameld. Toen hoorde ik een stille stem, maar wel zo helder dat het was alsof de stem buiten mij klonk: : nu wil je toch tegen je moeder zeggen dat je het verkeerd zag…. Het was voor mij als de stem van God. Tegelijkertijd kwam er ook iets donkers omhoog, een verzet en ik zei hardop: ‘nee, dat wil ik niet’”.

Ze wist toen ze de poppenkleertjes zag dat dit van haar moeder een uiting was van liefde. Hier hoefde ze niet tegen te strijden. Ze gaf in haar trots ook hier de andere donkere gevoelens de overhand.

Toen één en ander bezonken was, bleef ze met het gevoel achter dat ze iets onvergeeflijks had gedaan. Bewust gekozen voor een verkeerde weg in het afwijzen van deze stem, van liefde. Ze leerde ermee leven. Het liet een leegte in haar achter.

Door de gesprekken met haar coach werd haar duidelijk dat in haar onbewuste dit ‘nee’ was blijven hangen. Het was met haar meegegaan op haar levensweg. Diep van binnen leefde het verlangen om gezien en geliefd te worden, dat moest ze nu maar zelf zien te organiseren. Ze was zichzelf in haar onbewuste met dat ‘nee’ gaan straffen door af te breken wat ze opbouwde. In dit ‘nee’ was ze zichzelf kwijtgeraakt.

Toen kwamen de dromen. De dromen nodigden haar uit op zoek te gaan naar dat verloren moment.  Dat wat ze kwijt was geraakt was het contact met de stem. Door de gesprekken begon ze te beseffen dat die stem was gebleven, haar niet veroordeelde, bleef liefhebben. Zij was blijven hangen in haar ‘nee’.

Ze voelde zich uitgenodigd om zich te openen voor de stem. Weer die keuze. Weer waren daar die bekende angstgevoelens: ik raak mezelf kwijt, waar blijf ik als ik me aan de stem overgeef, hou ik mijn ruimte, komt het dan wel waarnaar ik verlang. Toch deed ze het. Wat gaf haar daartoe de kracht? De stem herkende ze als liefde. In de ego-overgave vond ze de kracht tot aanvaarding van zichzelf.  Ze liet toe dat ze door de stem gekozen was. Al die dingen waarvan ze vreesde te worden uitgesloten, kwamen in haar vrij: als blijdschap, kracht om lief te hebben, opening naar anderen toe zonder vrees zichzelf daarmee te verliezen, levensenergie. Dat bracht het haar.

Er is een lied uit mijn traditie dat op een eigen dichterlijke manier dit innerlijke proces prachtig verwoordt:

‘Hart onrustig vol van zorgen, vleugellam geslagen ziel, hoop op God (je valt niet in de leegte) wees geborgen (het is er onmiddellijk), hij verheft wie nederviel’ (alles kan gaan stromen!)

Het antwoord vinden op de vraag “Wie ben ik” en “Wie ben jij” – beide vragen hangen samen – heeft met het vinden van de innerlijke stem te maken en mijn reactie daarop.

Als beide boeken voor de lezers hier iets aan mogen bijdragen dan is mijn doel bereikt.

Jan Willem Kirpestein

 

IMG_4695

Herma van der Weide, bij de lancering van haar roman Fiane, met het gezelschap Camerata Trajectina

Beide boeken zijn bij Soul Care Foundation te bestellen.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>